Ervaringen en resultaten gebruikersonderzoek studenten Radboud Universiteit Nijmegen

In de periode april - juni 2013 volgden alle tweedejaars studenten geschiedenis van de Radboud Universiteit Nijmegen het zogenaamde ‘Onderzoekslaboratorium’, waarbij ze een negental weken intensief aan de slag gingen in het Regionaal Archief Nijmegen. De looptijd van het vak bood een uitgelezen mogelijkheid om een dataset te verzamelen over het (intensief) gebruik van (de Nijmeegse) archieven door studenten.

In mei 2013 heb ik een vragenlijst afgenomen bij de studenten over hun onderzoekservaringen in het RAN wat resulteerde in 78 ingevulde enquêtes. Bij het gebruikersonderzoek heb ik gebruikgemaakt van de ‘Archival Metrics Student Researcher Questionnnaire’, opgesteld en uitvoerig getest in het kader van een Amerikaans onderzoeksproject (www.archivalmetrics.org).

Een eerste uitwerking van de resultaten van het gebruikersonderzoek is te vinden via de onderstaande link. Ik heb me (vooralsnog) beperkt tot een beknopte representatie van de resultaten en er nog geen uitvoerige conclusies aan verbonden. De data en de resultaten zal ik als zodanig ook meenemen in mijn scriptieonderzoek voor de master archiefwetenschappen in het najaar.

Ik ben erg benieuwd naar de ervaringen en reacties van collega's en archiefinstellingen die wellicht ook ervaring hebben met dergelijke projecten en/of gebruikersonderzoeken onder studenten. Mocht iemand nog interessante (statistische) vragen op de data los willen/kunnen laten dan hou ik me aanbevolen (daar ben ik zelf namelijk niet bepaald in thuis) en ben ik graag bereid de ruwe dataset toe te sturen.

UPDATE (7-8-2013) Link naar resultaten (aangevuld met grafieken en diagrammen): http://www.scribd.com/doc/158637544/Gebruikersonderzoek-Onderzoeksl...

Weergaven: 409

Reactie van Ivonne Lipsch op 31 Juli 2013 op 8.53

Hallo Wouter,

Dankjewel voor het delen van je eerste resultaten van het gebruikersonderzoek onder geschiedenisstudenten van de RU die het Onderzoekslaboratorium volgden in het RAN. Ik was al onder de indruk van je presentatie tijdens de laatste bijeenkomst, ik ga dan ook zeker je verslag lezen. Wordt vervolgd dus...

Hartelijke groeten, Ivonne Lipsch

Reactie van Ivonne Lipsch op 2 Augustus 2013 op 9.04
Hallo Wouter,

Met veel plezier heb ik je onderzoeksresultaten gelezen.

Je vraagt of andere archiefinstellingen vergelijkbare ervaringen hebben. Het RHCe heeft veel ervaring met dergelijke projecten, maar op veel kleinere schaal en voor leerlingen uit het voortgezet onderwijs. Afhankelijk van het leerjaar en schooltype doen leerlingen onderzoek in het archief met o.m. primaire bronnen waarbij ze worden begeleid door de school/de docent en medewerkers van het archief. Soms is dit in het kader van zgn. plus-klassen, in deze klassen zitten de beste vwo-ers die een extra of een aangepast lesprogramma volgen. Een uitgebreide introductie in het archief is ook bij ons vaste prik. Leerlingen zijn vooral onder de indruk van wat zich allemaal achter de schermen afspeelt. Ik heb nooit een onderzoek eraan gekoppeld zoals jij hebt gedaan, je inspireert me ermee en wie weet ga ik je in de (nabije?) toekomst hierover consulteren, als jij dat goed vindt. Want hoewel ik altijd vraag aan leerlingen (individueel en klassikaal) wat ze ervan vinden en hoe ze het ervaren, een onderzoek geeft natuurlijk een veel beter (en objectiever want anoniem?) beeld. Dank dus nogmaals voor het delen van je rapport!

Vriendelijke groeten, Ivonne Lipsch
Reactie van Wouter Daemen op 7 Augustus 2013 op 10.39

Dag Ivonne,

Dank voor je reactie! Ook wij hebben geregeld scholieren uit het VO en (in mindere mate) uit het BO over de vloer en het zou interessant zijn om ook deze leerlingen te bevragen over hun archiefervaringen. Neem gerust contact op om het er een keer over te hebben. 

Ik heb het rapport nog enigszins geupdate en enkele grafieken en diagrammen toegevoegd om de resultaten hopelijk nog wat inzichtelijker te visualiseren. Ik plaats zsm een nieuwe link in mijn blog.

Hartelijke groet, Wouter

Reactie van Wouter Daemen op 7 Augustus 2013 op 11.20

N.a.v. de bovenstaande blog heb ik via mail uitvoerig gecorrespondeerd met Petra Links. Met goedvinden van Petra deel ik onderstaand graag de inhoudelijke discussie, aangezien het wellicht ook interessant is voor anderen.

[PL] Ik vind het wel opmerkelijk dat bronnenduiding en analyse (p11) zo laag scoort in de enquête. Eén van de dingen die tijdens ons onderzoek naar voren kwam was dat naar de ‘technische search’ methodiek ook de complexiteit van de instellingen een rol speelde en interpretatie van collecties van daaruit bemoeilijkt: welke collecties kunnen bij een bepaalde instelling verwacht worden en waarom?  Maar misschien heeft dat te maken met het karakter van de instellingen die wij hebben bevraagd? Dat waren immers geen archiefbewaarplaatsen zoals het archief Nijmegen. Voor ons binnen EHRI heeft dit wel geleid tot het geven van een hogere prioriteit aan het ontwikkelen van beschrijvingen op instituutsniveau, met daarbij voor zover dat lukt / mogelijk is een profiel van de (geschiedenis van) collectie. Met het samenbrengen van archief- en collectiebeschrijvingen op een centrale portal, zoals in EHRI, verwachten wij dat de behoefte aan dergelijke informatie alleen nog maar toenemen.

  [WD] Waar ik met bronnenduiding en analyse vooral op doel is het kunnen interpreteren en analyseren van de archiefstukken/bronnen zodra men ze 'op tafel heeft'. Mijn eerste indruk op basis van de resultaten is dat geschiedenis-studenten voldoende zijn toegerust om bronnen inhoudelijk te duiden. Ik ben het met je eens dat de context waarin de bronnen zich bevinden daarbij wel van groot belang is om deze analyse en duiding mogelijk te maken. Zeker als archieven en collecties (in de toekomst) instellingsoverstijgend met elkaar worden verbonden.

Vooralsnog is het in het geval van een enkele archiefinstelling inderdaad eenvoudiger dan wanneer het om een samengestelde portal gaat, lijkt me. Ik vond het opvallend hoeveel opmerkingen/moeite de studenten hadden met het kunnen zoeken en vinden van de archiefstukken. Daarbij bedoel ik niet alleen het werken met de (online) zoeksystemen maar vooral ook weten waar te moeten zoeken en hoe te navigeren tussen de archieven en collecties. Het zoeken in de archieven en collecties om tot de geschikte bronnen te komen werd door het merendeel als erg lastig ervaren. Goede beschrijvingen op instituutsniveau of in ons geval vooral van de archiefvormers of op archief- of collectieniveau kan de studenten daarbij denk ik wel enorm op weg helpen. Het is een van de redenen waarom we bij het RAN momenteel bezig zijn om alle inleidingen om te zetten en uit elkaar te halen volgens ISAD en ISAAR. In de online inventaris willen we de gebruikers voldoende context proberen te bieden op archiefniveau, terwijl we in een daaraan gekoppelde kennisbank (wiki) de context van de archiefvormers willen onderbrengen. 

 

[PL] Opmerkelijk vond ik ook je opmerking op pagina 9 waarin je schrijft dat studenten behoefte hebben aan andere bronsoorten, en goede toegangen tot particuliere en overheidsarchieven. Afgelopen jaar schreven Ivo en ik een artikeltje in het Archievenblad waarin we de wens uitspraken dat archiefbewaarplaatsen zich meer zouden richten op de behoeften van de digitale geesteswetenschapper. Eén van de kritieken die we kregen was, dat de behoeften niet zo zouden verschillen. Zou je nog iets meer kunnen zeggen over de achtergrond van je opmerking in je stuk? 

 

[WD] Ik denk dat de behoeften dus wel verschillen omdat de resultaten laten zien dat de studenten relatief (veel) meer gebruik maken van particuliere en overheidsarchieven dan bronsoorten als foto's, films, kaarten en bouwtekeningen, waar archieven (online) vaak meer op inzetten. Maakt dat mijn opmerking duidelijker?

 

[PL] Wat ik me tot slot ook af vroeg naar aanleiding van het lezen van je stuk is of je misschien ook data of ideeën heb over de wensen die er bij studenten leven over het verwerken van resultaten van het onderzoek dat ze doen bij jullie. Merk je bijvoorbeeld dat er een behoefte is om documenten te annoteren? Of doen ze dat misschien al, doordat ze scans kunnen downloaden? Ik vraag dit omdat wij op dit moment ook een haalbaarheidsonderzoek uitvoeren voor een mogelijk platform voor onderzoek naar de Val van Srebrenica. In dit kader ben ik benieuwd naar jouw ervaringen met de studenten.  

 

[WD] Wat ik merk is dat docenten vaak toch nog kiezen voor papieren verslaglegging of een werkstuk (zowel bij vakken als bij stages die studenten bij het RAN lopen). Natuurlijk zijn deze ook waardevol voor het RAN, maar het zou wellicht nog waardevoller zijn (voor ons, studenten en toekomstige onderzoekers) als ze hun onderzoeksresultaten, bronannotaties of aangepaste of verrijkte zoektoegangen online zouden kunnen delen. De opmerkingen hierover van Sheila Anderson tijdens de KVAN dagen vond ik heel interessant.

 

- De studenten hebben hun onderzoeksresultaten verwerkt in een wiki. Deze wiki's bevinden zich vooralsnog in een besloten leeromgeving (Blackboard). Door vakanties hebben we het vak nog niet kunnen evalueren, maar er is vooraf afgesproken om na afloop te kijken of de gemaakte wiki's van voldoende kwaliteit zijn om ze ook op te nemen in de kennisbank van het RAN (en zo mogelijk koppelingen naar archieven/archiefstukken tot stand te brengen). De mogelijkheden om de onderzoeksresultaten op deze manier eenvoudig te delen en (in de toekomst) ook te koppelen aan de archieven en/of toegangen zijn in ieder geval veelbelovend. Ik merkte wel dat sommige docenten nog moeite hadden om zich er iets bij voor te stellen en vooral hoe dergelijke onderzoeksresultaten te beoordelen.

 

- Een laatste opmerking over wat me opviel heb ik ook gebruikt in het verslag van de duale fase van de master die ik net achter de rug heb: 

Bij aanvang was de deskundigheid van de studenten beperkt, de variëteit aan invalshoeken zeer uiteenlopend en het zoekdomein nagenoeg onbegrensd. Naarmate de tijd vorderde, de invalshoek en het zoekdomein steeds nader werden toegespitst en de deskundigheid groeide, stuitten de studenten steeds vaker op beperkingen van de gedetailleerdheid van de toegang tot een archief. Geconfronteerd met deze belemmering van de toegankelijkheid grepen de studenten de geboden ruimte tot participatie aan om op eigen initiatief voor een nog ongeordend deel van het archief te komen tot een aanzet van een plaatsingslijst. Het is slechts een enkel voorbeeld, maar het toont wel de bereidwilligheid van gebruikers om te willen delen in de verantwoordelijkheid voor de toegankelijkheid als daartoe ruimte en faciliteiten worden geboden. Hulp en instructie van de archivaris om hun deskundigheid te verbeteren, het zoekdomein af te bakenen en de invalshoek te bepalen kan leiden tot participatie in het verbeteren van de gedetailleerdheid van de toegang(en). De community van auteurs kan dienstdoen als leeromgeving om kennis te activeren, ontwikkelen en delen.

Reactie van Wouter Daemen op 7 Augustus 2013 op 11.27

En nog een tweede mail: 

[PL] Je opmerking over de bereidwilligheid van gebruikers om te willen delen in de verantwoordelijkheid voor de toegankelijkheid als daartoe ruimte en faciliteiten worden geboden, vind ik interessant en sluit ook aan bij mijn ervaringen. Het zou mooi zijn als ‘wij’ als sector kunnen toegroeien naar een concept waarin ‘we’ flexibel onderzoekers kunnen faciliteren informatie over archieven/collecties te verwerken en beschikbaar te stellen aan derden op een zodanige wijze dat dit verbonden is met ‘onze’ collectiebeheersystemen en ‘onze’ standaarden en over instellingsgrenzen heen.Ik hoop dat projecten op Europees, landelijk en lokaal niveau, zoveel ervaring op gaan leveren dat de technische structuur zodanig evalueert dat dit flexibel en toch ook gestandaardiseerd kan... *droomdroom*

 

[WD] Helemaal mee eens, lijkt me een prachtig stipje aan de horizon om naar toe te werken :-)

 

[PL] Ten aanzien van je opmerking over een ‘afwijkende’ behoefte van studenten ten aanzien van bronnen, dacht ik dat je misschien ook doelde op hun wensen voor een andere soort toegankelijkheid. Maar ik begrijp nu dat je met name doelt op het soort bronnen dat studenten gebruiken in vergelijking met jullie andere bezoekers, toch? 

 

[WD] Ik doel inderdaad met name op het soort bronnen dat studenten gebruiken. Ik denk dat ze wel degelijk ook een andere soort toegankelijkheid wensen, maar dat ze (en ik overigens ook) nog niet helder onder woorden kan brengen hoe die er uit zou zien. Interessant punt! 

 

[PL] Interessant dat jullie de inleidingen op jullie inventarissen ook aan het omzetten zijn naar ISAAR. Je noemt jullie kennisbank. Staat deze ergens online? En, omdat ik nieuwsgierig ben: ik lees dat jullie de ISAAR beschrijvingen plaatsen in een wiki. Ik neem aan dat jullie dit doen om zo verdere ontwikkeling van de authorities te faciliteren. Hoe zijn jullie ideeën hierover, kan iedereen straks editen, zijn er rechten/rollen? En hoe verhouden de authorities zich tot de archiefbeschrijvingen in ISAD, worden dat ook wiki’s?  

 

[WD] Ja, onze kennisbank is te vinden op www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl. De website is tevens publiekssite voor het Huis van de Nijmeegse Geschiedenis, dus doet op het eerste gezicht wellicht wat vreemd aan. We proberen thematische zoekingangen te maken om gebruikers op weg te helpen. Zie bijvoorbeeld de pagina over de Nijmeegse Vierdaagse: www.hvng.nl/vierdaagse en de pagina van de KNBLO als voorbeeld van een pagina van een archiefvormer volgens ISAAR http://www.huisvandenijmeegsegeschiedenis.nl/info/Koninklijke_Neder.... Volgens dit format moeten er nog vele archiefvormers volgen. Voor je inhoudelijke vragen verwijs ik je graag door naar mijn collega Ernest Verhees, ook actief op archief 2.0.

Reactie van Christian van der Ven op 7 Augustus 2013 op 17.09

Wouter, erg bedankt voor het delen van je ervaringen. Heel interessant!

Ik ben zojuist terug van vakantie -alhoewel nog niet helemaal- maar ga er binnenkort eens goed voor zitten. Tegen die tijd reageer ik vast nog wat uitgebreider.

Ook de punten die in je mailwisseling met Petra worden aangesneden, zijn interessant en van belang.

Reactie van Ernest Verhees op 8 Augustus 2013 op 11.54

offtopic zeg je dan geloof ik: voor Petra en andere geinteresseerden in ISAAR beschrijvingen archiefvormers in een wiki, zie mijn laatste toelichting in de isad/isaargroep.

Reactie van Petra Links op 9 Augustus 2013 op 11.07

Tnx, Ernest!

Reactie van Christian van der Ven op 5 September 2013 op 16.11

Zoals gezegd, Wouter, erg interessant! Ook een mooi gegeven dat een dergelijk gestandaardiseerde vragenlijst (inter)nationaal vergelijken mogelijk maakt. Bij dit onderzoekslaboratorium moet ik trouwens ook denken aan een studiemodule in Antwerpen, waar verschillende groepen studenten ieder vanuit een andere invalshoek de schepenregisters onderzoeken. Zie mijn blog daarover.

Met de resultaten van de vragenlijst mag het RAN trouwens erg tevreden zijn. Een mooi rapport voor het archief!

Opmerkelijk (maar wel fijn om te horen!) vind ik bij vraag 2 hoeveel studenten het belangrijk vinden om te leren over het zien van en het omgaan met documenten. Bij vraag 3 is de top 2 aan antwoorden trouwens mooi gelijk aan die van bij vraag 2. Een duidelijk resultaat.

Het zou nuttig zijn om enkele correlaties tussen de antwoorden op vragen te krijgen. Zijn bijvoorbeeld de 3 studenten die de introductie niet relevant vonden (vraag 4) studenten die na de introductie ook geen archiefstukken hebben gebruikt (vraag 6)? En van die in totaal 7 studenten die na de introductie geen archiefstukken hebben gebruikt, hoeveel daarvan hadden vóór de introductie al wél eens met archiefstukken gewerkt (vraag 5)?

Bij de vraag over het gebruik van verschillende brontypen - in je mailwisseling met Petra komt dit ook terug - geef je aan, dat het opvallend is dat de studenten relatief weinig gebruik hebben gemaakt van bronsoorten waar archieven (online) vaak stevig op inzetten, zoals foto's. Mij lijkt dit wel verklaarbaar. Bij het inzetten op die bronsoorten hebben de meeste archiefinstellingen namelijk ook andere doelgroepen op het oog (het zogezegd 'brede publiek', de 'snackers' of hoe ze dan ook maar genoemd worden) dan specifiek studenten, en misschien speelt de aard van de opdracht ook mee. Maar het is wel een duidelijk signaal: als je werk wilt maken van educatie, dan zul je ook werk moeten maken van de toegankelijkheid van andere bronsoorten.

Bij vraag 8, over wat het belangrijkste is wat de studenten vinden dat ze hebben geleerd, vond ik het in eerste instantie opvallend, dat zoekmethodiek zo hoog scoort in verhouding tot onderzoeksmethodiek en bronnenduiding en analyse. Aan de andere kant was voor velen deze module een eerste kennismaking met archiefbronnen, en zoekmethodiek is dan natuurlijk het eerste waar je over 'struikelt' en waarover je flink bijgespijkerd moet worden. In dat licht is de uitkomst misschien verklaarbaar.

Maar goed, het zijn slechts mogelijke verklaringen. Je onderzoek biedt wel veel aanknopingspunten om verder onderzoek te doen.

Tot slot, ook ik vond het interessant om te lezen, dat ook deze studenten genegen waren om bij gebrek aan toegang zelf een aanzet tot een plaatsingslijst te maken. Geen nieuw fenomeen, maar met Petra en jou vind ook ik dat we dit veel meer zouden moeten faciliteren en gebruiken. Gerelateerd hieraan mijn ervaringen met onze schepenprotocollen, waarbij we als BHIC feitelijk gebruikerstoegangen acquireren en opnemen in ons toegangenapparaat (gekoppeld aan onze inventarissen en eventueel scans). Zie mijn blog daarover.

Wel twijfel ik nog steeds over de manier waarop. Ik blijf denken, dat mensen liever op een 'eigen plek' (hun kladblok, hun laptop, hun Google Drive of wat dan ook) werken aan hun onderzoek, dan in een 'onderzoeksomgeving' of 'werkplaats' die wij ze (zouden/kunnen) aanbieden. Een nadere discussie waard.

Opmerking

Je moet lid zijn van Archief 2.0 om reacties te kunnen toevoegen!

Word lid van Archief 2.0

Zoeken in Archief 2.0

Loading

© 2018   Gemaakt door Archief 2.0.   Verzorgd door

Banners  |  Een probleem rapporteren?  |  Algemene voorwaarden